Glasvezel

Posted: maart 23, 2012 in taal

Er wordt in de buurt gegraven. Want er moet glasvezelkabel komen. De werkmannen in de oranje hesjes, die het netwerk uitrollen, zijn voor een eenzame schrijver als ik een dankbaar object om tegenaan te lullen. Heel de week doen we bijna elke dag een praatje pot.

Vanmorgen had ik er een paar tuk.

Terwijl ik met de mannen over pijntjes in onze ruggen kletste (zij van het graven, ik van het zitten), greep ik de werkman die een sjekkie stond te rollen pardoes bij zijn schouder en wees hem op de oranje glasvezelkabel in de opgebroken straat. “Krijg nou wat”, riep ik ,“volgens mij ligt-ie verkeerd om!”

De hesjesmannen keken me verbaasd aan. “Hoe bedoelt u”, vroeg er een. “Nou, zoals ik het zeg. Weet je niet wat er in Voorburg is gebeurd? Daar lag-ie ook verkeerd om. Ze kwamen er pas achter toen het werk klaar was. In heel Voorburg moesten de straten opnieuw open.”

De werkmannen wilden gaan uitleggen waarom de kabel niet verkeerd om kan liggen.  Maar hiervoor gaf ik hen geen kans. “Ik zou je baas maar even bellen, voordat je in je zomervakantie hier weer staat te scheppen,” zei ik plagend. Ik sloeg een van de hesjes amicaal op z’n schouder en beende langzaam weg richting bakker.

Vanuit mijn ooghoeken zag ik dat er paniek was in de groep. De mannen lachten schaapachtig en  overlegden driftig. Eentje pakte z’n telefoon uit zijn binnenzak. De chef bellen!  Voor de zekerheid.

Op de terugweg groetten de werkmannen me lauwtjes. “En”, vroeg ik, “wat zei de baas?” “Mijn baas kende hem al”, zei de sjekkiesroller. “Hij leest ook de boeken van Herman Brusselmans, net als u. Die Belgische schrijver heeft deze grap al eens uitgehaald in Gent, is het niet?” Ik bekende mijn plagiaat en lulde nog wat over dat Herman dat dan weer van mij had. Maar daar trapten de oranje mannen natuurlijk mooi niet in.

Bonnie St. Clair

Posted: maart 22, 2012 in media

Het moet er maar eens uit. De Wereld Draait Door (DWDD) is eigenlijk een enorm k**-programma.  Wat me vooral stoort, is dat ongegeneerd ophemelen van mensen door die zogenaamd geestdriftige Matthijs van Nieuwkerk. Goed haar, goede pakken (dat dan weer wel), maar dialoogjes als deze trek ik echt niet langer:

-          Dat moet wel het mooiste moment uit je leven zijn geweest?
-          Ach, uuhh…
-          Nee, je mag het gerust zeggen. Wat jij daar deed… het land genoot van je, man!
-          Ik heb goed geslapen die avond.
-          Geslapen? Man, je was heel even God en dan ga je slapen?
-          Ja, dat moet ook gebeuren hè.
-          Terwijl de hele wereld aan je voeten ligt? Man, wat was jij goed.
-          Het was een van mijn betere dagen, inderdaad.
-          Betere dagen, je was…
Enz

Ik kan daar niet meer tegen. Steeds als Matthijs zo mallotig doet (en dat is vrijwel elke dag), moet ik denken aan dit gedicht van Reve:

Roeping

Zuster Immaculata die al vier en dertig jaar
verlamde oude mensen wast, in bed verschoont,
en eten voert,
zal nooit haar naam vermeld zien.
Maar elke ongewassen aap die met een bord: dat hij
vóór dit, of tegen dat is, het verkeer verspert,
ziet ‘s avonds reeds zijn smoel op de tee vee.
Toch goed dat er een God is.

Gisteren bereikte mijn irritatie een hoogtepunt. Huisdichter Nico Dijkshoorn ging mee in de waanzin van Matthijs en eerde Bonnie St. Clair in een gedicht waarin ze werd neergezet als icoon van de Nederlandse rock ‘n roll.
Eerst dacht ik natuurlijk dat het gedicht ironisch bedoeld was. Maar Dijkshoorn hielp ons uit die droom: ‘Geen ironie, geen knipoog. Bonnie, zij zingt. En hoe… ik ken geen hardere mother fuckender rock and roll-vrouw dan Bonnie. Want dat is rock and roll; muziek maken, omdat je gewoon niet anders kunt.’

Het publiek klapte instemmend. Je zag ze denken daar in die studio: potverdorie, nu  Dijkshoorn het zegt, jaaaaa, dit is helemaal onze Bonnie. Dat wij dat allemaal niet gezien hebben…

Gelukkig werd het lofdicht binnen vijf minuten door het onderwerp zelf (terecht) waardeloos verklaard. De rockbitch, bekend van rock ‘n roll-hits als ‘Bonnie kom je buitenspelen?’ en ‘Droog je tranen pierrot’, vertelde dat ze pas vorige week voor het eerst in haar leven in Paradiso was geweest. Nota bene voor een TROS-concert: Met Ali B op volle toeren. Nee, ze had daarvoor nog nooit in Paradiso opgetreden. En ze was er ook nog nooit naar een optreden van een andere artiest geweest. Ze wist zelfs niet eens waar Paradiso nou precies lag. ‘Terwijl ik een ras-Amsterdammer ben’, voegde ze daar schaamteloos aan toe.

Met deze oprechte bekentenis zakte Dijkshoorn natuurlijk gewoon keihard door het ijs met z’n Bonnie-ballade. Want ja, dé Hollandse rock ‘n roll-bitch bij uitstek, die de weg naar Paradiso alleen weet te vinden aan de hand van Ali B: ik vind het op z’n minst twijfelachtig.

Wat mij betreft kunnen ze dat programma dan ook beter ‘De Wereld Wordt Mooier Voorgesteld Dan Hij Is’ (DWWMVDHI) noemen. Of: ‘De Wereld Is Niet Meer In Staat De Zaken Op Waarde Te Schatten (DWINMISDZOWTS). Dan weet je ten minste waar je aan toe bent als kijker.

Mag ik dit zeggen? Ja, dit mag ik zeggen!

Heldere hemel

Posted: maart 19, 2012 in taal

Als je van lezen, treinen en Zeeland houdt, is de Boekenweek een geschenk uit de (heldere) hemel. Zoals elk jaar mag je op de zondag in de boekenweek, op vertoon van het boekenweekgeschenk, gratis reizen met de trein.

Gisteren treinde ik samen met mijn lief naar het zonovergoten Zeeland. Ja, zo was het: de zon straalde, de hemel was helder. Niet dat het heel warm was. Dat niet. Maar warm genoeg om met je jas aan op een terras een cappuccino te drinken.

‘Het boekkie’ (zoals de conducteur het beschreef) van Tom Lanoye was bovendien ook nog te pruimen. Al was het alleen maar omdat er een Walter in voorkomt van middelbare leeftijd, die zijn vrouw van middelbare leeftijd inruilt voor een ‘jonge dingetje’.

Niet dat ik dat zou willen natuurlijk. Want ik denk niet dat ‘jonge dingetjes’ zin hebben om een dagje te gaan treinen met het Boekenweekgeschenk. Dat is best wel suf namelijk, gezien het aantal grijze 60-plussers dat ik gisteren voorbij zag trekken door de coupés met ook zo’n boekkie onder hun arm.

Tja, zo bezien wordt het misschien toch wel tijd voor een jong dingetje kleurspoeling.

 Jean-Pierre Geelen, taalcolumnist bij de Volkskrant, klaagde vorige week over het taalgebruik in de Nederlandse media. Vooral het feit dat men zo veel overbodige woorden gebruikt (‘de actualiteit van dit moment’, ‘een afdaling naar beneden’ of ‘de brand in Hoofddorp is opzettelijk aangestoken’ ) is Geelen een doorn in het oog. Radio 1 nodigde daarom NOS-medewerker Peter Taal (hij heet echt zo) uit, die iedere maand binnen de NOS een memo rondstuurt over het taalgebruik op de Nederlandse radio en tv: is het echt zo slecht gesteld? Dat interview staat hier.

Posted: januari 8, 2012 in Fijne muziek

         Goedemorgen broeders en zusters,

Het is weer zondag en dus tijd voor een meditatief muziekmomentje. Dit keer niet Handels Messiah of Bachs Matthäus-Passion. Maar de Canadese band Walk off the Earth; een zeer muzikaal gezelschap dat het coveren van andermans nummers tot hogere kunst heeft verheven. Elk nummer dat ze uitvoeren, doen ze op een bijzondere manier. Het laatste project is een cover van Somebody that I used to know van Gotye waar de vijf bandleden met z’n vijven één gitaar delen. Ook de cover van Adele’s Someone like you is de moeite van het beluisteren (en kijken) waard.

Fijne zondag verder.

Hoogwater in Dordrecht

Posted: januari 5, 2012 in Actualiteit

Uw reporter maakte heden midaag deze sfeerreportage.

Heel slim die zandzakken. De vorige keer was het namelijk …

Eerst proeven of het smaakt

Posted: januari 5, 2012 in taal

Uit mijn lijfblad Onze Taal gescheurd (Zie commentaar onder de foto)…

Volgens mij heeft Nic de Boer uit Amstelveen helemaal gelijk. Die copywriter van Zonnatura is gewoon een prutser. Iets smaakt ergens naar (naar meer of zo, of in geval van deze geitenwollensokkenthee: nergens naar) en je proeft om te kijken of het je smaakt. Als je zegt ‘dat proeft lekker’ zeg je dus eigenlijk dat het proces van het proeven goed gaat (hij gaat goed/hij gaat lekker). Dus die soep smaakt lekker. Eventueel nadat je het eerst hebt geproefd.

Heel goed Nic de Boer uit Amstelveen. Ik had me ook al meermalig opgewonden over deze smakeloze taalfout.  En ja, u proeft bij mij enige irritatie. Lekker hè!